Met jaarlijkse gemiddelde temperaturen
die schommelen tussen de 18 en 25 graden C, behoudt Gran
Canaria een lenteklimaat gedurende het hele jaar, erkend
door de internationale wetenschappelijke gemeenschap als
een van de besten ter wereld.
Het wonder van dit fenomeen ontstaat dankzij passaatwinden,
vochtig en fris, die afkomstig zijn uit de hogedrukgebieden
van de Azoren.
Toch heeft Gran Canaria ten gevolge van het typische relief
van het eiland een grote variatie aan microklimaten.
Zo hebben de kustgebieden, aan ongeveer de gehele zuidelijke
kant van het eiland, een klimaat die bijna het gehele
jaar zonnig en droog is.
Wanneer we grotere hoogten bereiken, is de invloed van
de kust minder en de bergen houden de wolken tegen, wat
grote thermische verschillen veroorzaakt tussen de gematigde
middelmatige zones, de valleien en de subtropische bossen,
en de hoger gelegen gebieden waar de temperatuur kan dalen
tot 0 graden. Af en toe geeft men de paradox dat men in
slechts een uur met de auto kan gaan van zonnebaden en
zwemmen aan het strand naar spelen in de sneeuw in de
bergtoppen.
Deze omstandigheid, samen met 2700 zonneuren per jaar
die geboekt worden in Gran Canaria, maken het mogelijk
om het maximale rendement uit een dag te halen, op het
strand te zijn, een sport beoefenen, een excursie maken
of welke activiteit dan ook in de open lucht te doen.
Een vaak gemaakte fout is te denken dat wanneer de eilanden
een winter hebben die zo warm is, ze een zomer moeten
ondergaan die erg benauwd is, maar niets is minder waar:
de zomer op de Canarische eilanden is zacht door de passaatwinden
die de Archipel verfrissen, waardoor de zomers zacht en
aangenaam zijn, rondom de 24 graden.